,

Vrede in tijden van…….. oorlog

In het algemeen kan men momenteel een verhoogde waakzaamheid waarnemen met focus op de spanningen tussen de naties. Men spreekt opnieuw over “Koude oorlog”, een term die in de jaren ’50 en ’60 gebruikt werd om de toenmalige toestand te omschrijven.

De ”Koude oorlog” was het geheel aan relaties tussen het Oostblok (Rusland en de daaraan onderworpen landen) enerzijds en de Westerse vrije wereld, te situeren in West-Europa en Noord-Amerika. Diplomatieke relaties verliepen moeizaam, gelukkig was er ook weinig effectieve oorlog; het evenwicht bleef bewaard door het afschrikkingseffect van kernwapens.

Men kan zich daarbij de vraag stellen hoe het kwam dat het nooit tot een effectief conflict kwam, ondanks het bestaan en – voor enkele landen – ook het bezit van kernwapens. Er waren weliswaar wrijvingen over wederzijdse spionageactiviteiten, waarbij men nog niet beschikte over de sterk ontwikkelde elektronica van nu.

Maar één ding was toen al duidelijk: kernwapens behoren tot een exclusieve hogere categorie. Men bezat ze of men bezat ze niet. En wie ze in bezit had wou niet dat andere bijkomende landen tot de atoomclub zouden toegelaten worden: non-proliferatie was daarvoor het codewoord. In de SALT-akkoorden (Strategische Wapen Beperkings Gesprekken) besloten de betrokken landen tot een matiging van de productie van kernwapens en trachtten ze het aantal landen dat kernwapens in bezit heeft te beperken.

Deze gesprekken leidden tot de volgende, huidige toestand: de Russen en de Amerikanen zijn koplopers met elk meer dan 6000 kernkoppen. China volgt op een grote afstand, en nog veel verder Groot-Britannië en Frankrijk met aanzienlijk minder kernwapens. Maar vanaf een kritische hoeveelheid is er sprake van MAD :(Wederzijds Verzekerde Vernietiging).

We hebben tot hiertoe enkel gesproken over kernwapens, niet over de gewone “conventionele” wapens, die een tweede onontbeerlijke component blijven van een legermacht; de meeste landen beschikken slechts over zo’n “gewoon” leger. Ondanks de veel grotere slagkracht van kernwapens blijven conventionele legers behouden. Wanneer men namelijk op grote schaal kernwapens zou inzetten, zou elk biologisch bestaan kunnen verdwijnen en de aarde een ongeschikte planeet worden om in te leven. Vandaar dat tot hiertoe geen enkele staat overweegt om over te gaan tot een kernoorlog: er zit simpelweg uitsluitend verlies in voor alle, zelfs niet-betrokken, partijen.

In deze gradatie zit dan ook gans de redenering die de Romeinen uitdrukten met de slagzin: ”Si vis pacem, para bellum” of in het Nederlands: “Als je vrede wil, bereid dan een oorlog voor”. Door de bewapening met nucleaire, biologische en chemische middelen, door het afsnijden en manipuleren van informatie, kortom door ongebreidelde multidimensionele oorlogsvoering is men gewoonweg verplicht mee te doen aan de wapenwedloop. Potentiële aanvallers worden hierdoor afgeschrikt en blijven in het ongewisse over de middelen waarover de tegenstander beschikt. Een toestand van oorlog brengt met zich mee dat bepaalde percepties en veronderstellingen een volledige bocht van 180 graden vereisen in het denken in het algemeen en specifiek over een mogelijk nieuwe werkelijkheid waarmee we hopelijk nooit mee geconfronteerd worden.

Patrick Proot

11/03/2025.

Een reactie achterlaten

Je e-mailadres zal niet getoond worden. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.